Lyrics
Ze stond te wachten aan de kant van de weg,
met haar handen in haar zakken, hield haar mond, zei niets meer.
Iedereen liep langs, niemand zag haar staan,
tot ze zelf de eerste stap toch maar deed gaan.
Opzij, opzij, laat de ruimte vrij,
voor wie durft te dromen, wie zichzelf bevrijdt.
Opzij, opzij, geen excuus, geen lij,
zij bepaalt haar leven, zij en niemand zij.
Ze schreef haar naam waar vroeger niets van haar mocht staan,
ze koos haar eigen richting, liet de twijfel gaan.
De wereld zei "het kan niet", zij zei "kijk maar aan",
en elke stap die zij zet doet de deuren open gaan.
Opzij, opzij, laat de ruimte vrij,
voor wie durft te dromen, wie zichzelf bevrijdt.
Opzij, opzij, geen excuus, geen lij,
zij bepaalt haar leven, zij en niemand zij.
Geen kroon, geen troon, alleen een vaste tred,
een vrouw die zelf beslist waar zij haar grenzen zet.
Niet boven, niet beneden, maar recht overeind,
zo wordt de wereld eindelijk gemeend.
Opzij, opzij, laat de ruimte vrij,
voor wie durft te dromen, wie zichzelf bevrijdt.
Opzij, opzij, geen excuus, geen lij,
zij bepaalt haar leven, zij en niemand zij.